MASTENBROEK/DEN HAAG - De gerepareerde milieuvergunning voor de geplande uitbreiding van dierenpension De Wetering in Mastenbroek gaat mogelijk weer onderuit bij de Raad van State. Dit bleek maandag tijdens een zitting bij de Raad in Den Haag.
Een eerder verleende vergunning voor uitbreiding van het pension werd in 2009 door de Raad vernietigd vanwege een gebrekkig onderzoek naar het verwachte lawaai na de uitbreiding.
De Raad constateerde toen dat het lawaai van blaffende honden wel erg laag was ingeschat en daarom niet aannemelijk. Dat zou het mogelijk wel zijn als er extra maatregelen zouden komen om het lawaai verder te beperken. Maar die maatregelen waren in de toen verleende vergunning niet voorgeschreven. Daardoor konden die maatregelen ook niet worden afgedwongen.
Enkele omwonenden van het pension vinden dat de nu verbeterde vergunning nog steeds niet deugt, omdat er grote vraagtekens zijn te plaatsen bij de berekening van het verwachte lawaai. Zo stelde hun woordvoerder dat het zeer de vraag is of die berekening wel realistisch is.
Hij denkt dat de uitbreiding van het dierenpension op deze plek niet vergunbaar is. De omgeving is namelijk zo stil dat zelfs blaffende honden binnen het pension goed hoorbaar zijn. Daar kunnen extra maatregelen die het pension wil toepassen, niets aan verhelpen. Met het toelaten van zestig honden en veertig katten kunnen de geluidsnormen maar nauwelijks worden gehaald.
Onafhankelijke adviseurs van de Raad van State zijn optimistischer. Maar volgens de Raad hebben zij ook aarzelingen getoond bij de vergunning die door de gemeente Zwartewaterland werd verleend. Toch denken de raadsadviseurs dat de uitbreiding, waarbij het aantal honden wordt verdrievoudigd, vergunbaar is. Ze denken dat er maatregelen zijn te nemen die het lawaai inderdaad kunnen beperken.
Tijdens de zitting bleken de rechters van de Raad aanmerkelijk kritischer te zijn. Ze ontdekten dat het opnieuw uitgevoerde geluidsonderzoek van de gemeente is gebaseerd op het lawaai van honden die maximaal drie uur per dag buiten spelen. In die tussentijd kunnen de hokken worden schoongemaakt.
De nieuwe vergunning laat echter toe dat de honden maximaal zes uur per dag buiten zijn. Dat is bij de berekening van het verwachte lawaai niet meegenomen en dat kan tot een heel andere uitkomst van het berekende lawaai leiden. Het geluidsonderzoek is dus gebaseerd op een onjuiste bedrijfssituatie, zo leek het een van de rechters van de Raad. Die langere uitlaatperiode is niet onderzocht.
Volgens een woordvoerder van de gemeente hebben hun deskundigen echter toch de juiste berekeningen gemaakt. Maar dat wilde er niet in bij de Raad. Die zette bovendien vraagtekens bij de berekende hoeveelheid blafgeluiden. Voor de buurtbewoners staat het berekenen van het lawaai te ver van de praktijk waar ze mee te maken hebben. En die is dat er nu al overlast wordt ervaren.
De Raad doet over zes weken uitspraak.
