Wethouder Speksnijder ontvangt Wegbelevingsonderzoek
ZWARTEWATERLAND - De wethouders van verkeer van de gemeenten Staphorst, Zwartewaterland en Steenwijkerland ontvingen woensdag 19 februari het rapport Wegbelevingsonderzoek Kop van Overijssel. Het Regionaal Orgaan voor de Verkeersveiligheid in Overijssel (het ROVO) overhandigde het rapport aan de drie wethouders op het gemeentehuis van Staphorst. Uit het onderzoek komt onder andere naar voren dat weggebruikers het minst te spreken zijn over de belijning op de wegen, smalle wegen en de staat van onderhoud van de bermen. Daarnaast moet er meer aandacht zijn voor communicatie. Het onderzoek is in 2013 uitgevoerd door de gemeenten Staphorst, Steenwijkerland en Zwartewaterland, de politie IJsselland en het ROVO. Doel van het wegbelevingsonderzoek was om inzicht te krijgen in hoe het wegbeeld in de drie gemeenten overkomt op de weggebruiker. Ook wilden de wegbeheerders weten hoe de weggebruiker aankijkt tegen oplossingen, situaties, bewegwijzeringen en de verkeersveiligheid op het betreffende wegennet.In totaal hebben ongeveer 120 vrijwilligers uit de drie gemeenten en een aantal rijschoolhouders uit Genemuiden en Staphorst aan het onderzoek meegedaan. Daarbij is onderscheid gemaakt naar drie leeftijdsgroepen: de jonge onervaren bestuurder (18-24 jaar), de ervaren bestuurder (25-59 jaar) en de zeer ervaren bestuurder (60 jaar en ouder). De vrijwilligers hebben een route van 125 kilometer door de drie gemeenten gereden, op gemeentelijke wegen zowel binnen als buiten de bebouwde kom. De route was onderverdeeld in 21 deeltrajecten. Per deeltraject werd een aantal vragen over bijvoorbeeld de maximum snelheid beantwoord en een reactie gevraagd over aandachtspunten zoals markering en de onderhoudstoestand.Per deeltraject is een aantal zaken verzameld. Over het algemeen waren de deelnemers het minst te spreken over de ontbrekende belijning, de staat van onderhoud van de bermen en de waarschuwingsborden. Opvallend was verder dat de deelnemers meer duidelijkheid wensten over de maximumsnelheid in zones. De zoneborden vallen goed op maar de deelnemers wilden graag een herbevestiging zien van de maximaal toegestane snelheid.Een ander opvallend punt was de functie van de buurtschapborden; over het algemeen dacht men dat deze borden een bepaalde maximumsnelheid aangeven. Dit is niet het geval. Daarnaast werd de maximumsnelheid in Baarlo in Zwartewaterland (30 kilometer per uur) en in Kadoelen en Barsbeek (60 kilometer per uur) in Steenwijkerland als te snel ervaren.De Conradsweg in Staphorst en Zwartewaterland wordt als onveilig aangemerkt. De weg is voorzien van een rijbaanindeling maar ook fietsers maken gebruik van de rijbaan. De deelnemers gaven aan dat de suggestiestroken niet passen op wegen met een toegestane snelheidslimiet van 80 kilometer per uur.Uit het onderzoek zijn eenvoudige en snel op te pakken zaken naar voren gekomen zoals ontbrekende of kapotte bebording. Andere zaken vragen nader onderzoek zoals de weginrichting van een aantal kruispunten. Uit het belevingsonderzoek blijkt ook dat er een communicatieopdracht ligt. Zo is er bijvoorbeeld onduidelijkheid over de werking van de zoneborden en de kwaliteit waaraan een berm moet voldoen. Aan de Brede Aanpak Verkeersveiligheid Overijssel (BAVO) wordt voorgelegd een campagne te starten om de werking van zoneborden en de inrichting van 30 en 60 kilometer per uur gebieden uit te leggen.
