ZWARTSLUIS - Een groep Hoogeveense 'turfschippers' komt zaterdag 10 december naar Zwartsluis. Zonder schip, maar met turf. Er wordt bij de Sluuspoort gestapeld, er wordt verteld en bezoekers kunnen mee doen aan verschillende activiteiten. Ook kunnen zij genieten van turfbier en andere turfproducten.
Het optreden van deze groep uit Hoogeveen is slechts een klein onderdeel van het programma op deze Winterzaterdag. In het centrum, bij Sluuspoort, bij het Botterhuus en bij de Lenteheuvel zijn tal van activiteiten. Het volledige programma is te vinden op www.beleefzwartsluis.nl.
In het begin van de 17e eeuw kwam in Zuidwest-Drenthe de turfproductie op gang. De eerste turf die hier vandaan werd vervoerd, kwam uit de venen rond Kolderveen, Nijeveen en Havelte. Met kleine schuitjes werd de turf over de kanalen of griften naar Meppel vervoerd en daarna door Meppeler potschippers naar Zwartsluis gebracht.
Potschepen
In Zwartsluis werd de turf overgeladen in grote zeewaardige potschepen die over de Zuiderzee naar Zwolle of Amsterdam voeren. Deze turfvaart met potschepen was vrijwel geheel in handen van de leden van het Meppeler schippersgilde dat al in 1566 bestond. Zo voeren rond 1607 wel 150 Meppeler turfpotten op Amsterdam.
Dit vervoerspatroon van turfschepen die hun lading in Zwartsluis overlaadden bleef tot halverwege de 19e eeuw bestaan. Daarna waren de kanalen in Drenthe zoals de Hoogeveensche Vaart en het Meppelerdiep verbreed en verdiept, zodat grotere schepen direct vanuit de venen naar Zwartsluis en de Zuiderzee konden varen. Het overladen in Zwartsluis was toen niet meer nodig.

