(door Bas Wilberink)
ZWARTEWATERLAND - Sinds februari is de politie in Zwartewaterland niet meer gevestigd in een bureau maar werkt zij vanuit een steunpunt in het Hasselter gemeentehuis. De drie wijkagenten merken dat de toeloop nog wat op gang moet komen. Maar daar staat tegenover dat zij zelf ook meer op straat zijn te vinden.
Het steunpunt aan de Telvorenstraat, op werkdagen geopend tussen 8.30 en 12.30 uur, wordt gebruikt door politieteam IJsselland-Noord, waarvan de hoofdlocaties de politiebureaus in Kampen en Steenwijk zijn.
“Het steunpunt in Hasselt is ingericht om burgers te ontvangen en schriftelijk werk af te handelen”, legt teamchef Cees IJsbrandij van Kampen-Zwartewaterland uit. “Voor bijvoorbeeld een eenvoudige diefstal kunnen mensen hier rustig terecht”, vervolgt de Hasselter wijkagent Bertri Post. “Meer complexere zaken, of bijvoorbeeld een getuigenverklaring of een verdachtenverhoor, vinden plaats op de bureaus in Kampen, Steenwijkerland of Zwolle. Dan weten we zeker dat we niet gestoord kunnen worden. Hier zit je toch met meerdere personen in één ruimte. Het is overigens wél mogelijk om dat op afspraak in Hasselt te doen.”
Minder politie op één vaste locatie, meer ‘blauw’ op straat en ook social media als Twitter (de drie wijkagenten hebben ieder een eigen account) en Facebook (‘Politie Zwartewaterland’). “Vroeger reed er standaard één politiewagen 24 uur per dag door Staphorst en Zwartewaterland”, vertelt de Sluziger wijkagent Rebecca Viel. “Tegenwoordig zijn dat er twee. En daarnaast zijn er nog aparte eenheden voor bijvoorbeeld verkeer, surveillance en het water.”
Relatief veilig
Zwartewaterland is een relatief veilige gemeente, zo concludeerde teamchef Johan Ekkel van Politie IJsselland-Noord onlangs al tijdens een bijeenkomst met de gemeenteraad. De wijkagenten beamen dat. “Het aantal vernielingen is hier bijvoorbeeld heel laag”, legt Post uit. “Er gaan hier zo veel dingen goed.”
In Zwartsluis is het mooi rustig, aldus Viel. “Een duidelijk verschil met Genemuiden, waar ik eerst werkte. Maar ja, 10.000 of 4.500 inwoners, dat scheelt nogal.” In de driekwart jaar dat ze nu werkt in Zwartsluis kwam ze vooral ‘standaard zaken’ tegen. “Drie of vier woninginbraken, fietsdiefstal en een conflict binnen een horecagelegenheid”, gaat ze verder. “Zelfs diefstal van buitenboordmotoren, wat je toch veel ziet in waterrijke omgevingen, vindt hier bijna niet plaats.”
En de eerder in de media genoemde problemen door Oost-Europeanen in Zwartsluis vallen volgens haar erg mee. “Dat gaat eigenlijk maar om één conflict dat is uitgemond in twee mishandelingen.”
Fietsdiefstal
Grootste probleem in Genemuiden is fietsdiefstal, zo laat wijkagent Jochem Schreurs weten. “Dat waren er zeventien in 2015. Een toename, hoewel ik geen patroon zie. Het gaat niet om vaste plekken en veel fietsen komen ook weer terug. De vraag is wel of alle diefstallen gemeld worden. De meldingsbereidheid mag wel omhoog.” De teamchef: “Sowieso is de tijd voorbij dat je een fiets niet meer op slot hoeft te zetten.”
Dat geldt ook voor woningen en schuren in Hasselt, waar relatief veel insluipingen en inbraken plaatsvinden. In tegenstelling tot Genemuiden, waar dat bijna niet voorkomt. “Je ziet dat plaatsen waar je makkelijk wegkomt en dicht bij de A28 in trek zijn bij inbrekers”, legt Schreurs uit. “Genemuiden ligt toch wat afgelegen.”
Voor Hasselt is dat niet het geval. De politie zet hier met bijvoorbeeld het Donkere Dagen Offensief en het actief uitdelen van folders in op bewustwording bij de burgers. Ook zijn er geregeld onopvallende surveillances. “Je ziet hier nog veel diefstal uit de woning, zonder braak”, legt Post uit. “Mensen sluiten hun woningen niet af. Daar maak ik me zorgen om. Daarnaast een tip als mensen ’s avonds niet thuis zijn: laat de lichten aan. En zet niet op Facebook dat je drie weken op vakantie gaat. Maar licht wel je buren in.”
Een andere oplossing is een buurtapp (op WhatsApp), hoewel de animo daarvoor in eerste instantie niet heel groot was. “Inmiddels hebben zich vier mensen voor vier straten aangemeld”, vertelt Post. “Maar dat mag nog veel meer. Ook mogen mensen bij verdachte situaties altijd 112 bellen. We hebben liever dat we een keer te veel rijden, dan dat het niet gemeld is. We kunnen het allemaal niet meer alleen, samen kunnen we het veiliger maken.”


D. Last | woensdag 15 juni 2016 20:11